Naar de inhoud
Techniek

Waarom profs zo snel gooien en of jij dat moet nadoen

Profs gooien razendsnel, maar is dat ook slim voor jouw spel? Ontdek waarom tempo persoonlijk is en hoe je jouw ideale ritme vindt.

27 oktober 2026 · 3 minuten lezen

Als je naar topspelers kijkt op televisie, valt één ding meteen op: het tempo ligt gigantisch hoog. Spelers zoals Michael van Gerwen of Ricky Evans hebben hun drie pijlen vaak binnen vier tot vijf seconden in het bord zitten. Voor een hobbyspeler ziet dat er indrukwekkend en moeiteloos uit. De vraag is alleen waarom deze profs zo snel gooien, en of het verstandig is om dat tempo over te nemen in je eigen spel.

Waarom profs een hoog tempo hanteren

Het snelle werptempo van veel topspelers is geen trucje om het publiek te vermaken, maar een direct gevolg van duizenden uren training. Bij een professionele darter is de werpbeweging volledig geautomatiseerd. Dit betekent dat het brein geen bewust signaal meer hoeft te sturen over de stand van de elleboog, de grip of de loslating.

Er zijn drie hoofdredenen waarom profs baat hebben bij een snel tempo:

  • Spiergeheugen en flow: Zodra de eerste pijl op de gewenste plek zit, bijvoorbeeld in de triple 20, gebruikt de darter de visuele lijn en het fysieke gevoel direct voor de tweede en derde pijl. Lang wachten onderbreekt deze motorische keten.
  • Voorkomen van twijfel: Hoe langer een speler aan de oche staat te aarzelen, hoe meer ruimte er ontstaat voor twijfel. Snel gooien voorkomt over-analyseren tijdens de worp.
  • Ritme behouden: Darts is een sport van herhaling. Een vast, vlot ritme zorgt voor een constante ademhaling en een gelijke spanning op de spieren.

Verschillen in tempo bij de elite

Hoewel het lijkt alsof iedereen tegenwoordig vliegt aan de oche, heeft elke prof een eigen natuurlijk ritme. Het is een misvatting dat snel gooien de enige weg naar een hoog gemiddelde is.

SpelerWerptempoKenmerk van de stijl
Ricky EvansExtreem snelDrie pijlen binnen 3 tot 4 seconden, minimale voorbereiding
Michael van GerwenSnel en agressiefHoog tempo, gebruikt de flow van de eerste pijl
Gary AndersonVlot en natuurlijkVloeiende beweging zonder gehaast te tonen
Mensur SuljovićVertraagdNeemt bewust tijd voor elke pijl om te hergroeperen

Het verschil toont aan dat tempo een persoonlijk kenmerk is. Het is een onderdeel van de eigen stijl, niet een universele techniek die voor iedereen werkt.

Waarom haastig gooien voor hobbyspelers gevaarlijk is

Als hobbyspeler is de kans groot dat je werpbeweging nog niet voor honderd procent vastligt in je spiergeheugen. Wanneer je bewust snel probeert te gooien omdat je dat bij profs ziet, ga je forceren. Dit leidt vrijwel altijd tot specifieke fouten:

  • Verkeerde balans: Je stapt te snel naar voren of beweegt je bovenlichaam mee tijdens de worp, waardoor de basis onstabiel wordt.
  • Vroegtijdige loslating: Door de haast laat je de pijl te vroeg of te laat los, wat resulteert in pijlen die ver onder of boven het doel landen.
  • Geen herstel bij misworpen: Als de eerste pijl in de enkel 1 belandt, gooien snelle hobbyspelers de tweede pijl vaak uit frustratie op exact dezelfde verkeerde manier direct erachteraan.

Het doel bij darts is niet om zo snel mogelijk te gooien, maar om zo constant mogelijk te gooien. Sneller gooien dan je eigenlijke vermogen kost nauwkeurigheid.

Vind je eigen natuurlijke cadans

Je ideale werptempo is het tempo waarbij je lichaam ontspannen blijft en je focus maximaal is. Dit ontdek je door te letten op je ademhaling en je voorbereiding bij elke beurt.

Zorg dat je stand op exact 2,37 meter afstand van het bord altijd stabiel is voordat je de eerste pijl heft. Het bord hangt met het middelpunt van de bullseye op precies 1,73 meter hoogte. Die afmetingen veranderen nooit, dus je voorbereiding hoeft ook niet te veranderen. Neem tussen de pijlen door de tijd om je arm volledig te strekken en af te maken, wat ook wel de follow-through wordt genoemd. Pas wanneer die beweging elke keer hetzelfde voelt, kun je overwegen het tempo heel geleidelijk te verhogen.

Filmpje jezelf eens tijdens een trainingssessie van tien beurten en timede tijd tussen je eerste en je derde pijl met een stopwatch. Analyseer of je nauwkeurigheid daalt wanneer je sneller gaat gooien, en gebruik die informatie om jouw persoonlijke balans tussen snelheid en controle te vinden.

Verder op BartsDarts

  • De uitgooitabel — Alle uitgooien van 170 tot 2, met de bogeynummers erbij.
  • De dartsregels — Het bord, de afstand, de beurt, bust en dubbel uit.
  • Darten in de buurt — Waar je kunt gooien en welke bond bij jou de competitie draait.