Naar de inhoud
Uitgooien

De slimste route vanaf 100 tot 40

Met een slimme uitgooitactiek vanaf 100 tot 40 verhoog je direct je kansen op winst zonder beter te hoeven gooien.

10 september 2026 · 3 minuten lezen

Veel hobbyspelers richten automatisch op de hoogste triples zodra ze in de buurt van een finish komen. Toch is dat zelden de slimste aanpak. Goed uitgooien draait niet om geluk of het raken van de moeilijkste vakjes, maar om het minimaliseren van de schade bij een misser. Als je leert nadenken over wat er gebeurt wanneer je een single raakt in plaats van een triple, stijgt je winstkans aanzienlijk.

Hieronder vind je de meest logische routes voor de getallen tussen 100 en 40.

De gouden regel: houd rekening met een single

De belangrijkste regel bij het uitgooien is simpel: ga er nooit van uit dat elke pijl precies belandt waar je hem wilt hebben. Een doordachte route zorgt ervoor dat je na een single pijl nog steeds op een gunstig getal uitkomt voor je volgende pijl.

Daarnaast wil je bij voorkeur uitkomen op 'mooie' dubbels. Dit zijn dubbels die je bij een misser in het single vlak eenvoudig kunt halveren:

  • D20 (bij een misser in S20 houd je 20 over voor D10, daarna D5)
  • D16 (bij een misser in S16 houd je 16 over voor D8, daarna D4 en D2)
  • D18 (bij een misser in S18 houd je 18 over voor D9)

Routes vanaf 100 tot 81

In deze zone heb je drie pijlen nodig om de beurt af te maken. De kunst is om na je eerste pijl altijd uitzicht te houden op een dubbel met je derde pijl.

FinishEerste pijlBij triple (over)Bij single (over)
100T2040 (D20)80 (T20 - D10)
96T2036 (D18)76 (T20 - D8)
90T1836 (D18)72 (T16 - D12)
84T2024 (D12)64 (T16 - D8)
82T1440 (D20)68 (T20 - D4)

Bij 90 kiezen veel spelers automatisch voor T20. Raak je echter de single 20, dan sta je op 70. Dat getal vereist opnieuw een triple om op een dubbel te komen. Gooi je op T18 en raak je enkel S18, dan sta je op 72. Vanaf 72 gooi je via T16 of S20 heel eenvoudig naar een kans op de dubbel.

Routes van 80 tot 51

Vanaf 80 kun je theoretisch met twee pijlen uit zijn. Heb je drie pijlen in de hand, neem dan geen onnodige risico's met de bullseye.

  • 80: Gooi op T16. Raak je T16, dan heb je 32 over voor D16. Raak je S16, dan houd je 64 over, wat je met T16 weer op D8 brengt.
  • 70: Richt op T10 of T18. Met T10 houd je 40 (D20) over. Raak je S10, dan blijft 60 over, wat via S20 een pijl op D20 oplevert.
  • 64: Gooi op T16. Triple 16 laat 16 (D8) over. Single 16 laat 48 over, wat via S16 naar D16 leidt.
  • 52: Richt op S12 om op 40 (D20) te komen, of S20 voor 32 (D16).

Het valt op dat T16 een sleutelrol speelt in dit bereik. Het bordvlak van de 16 ligt onderin het bord. Bij een lichte afwijking naar links of rechts raak je vaak buurgetallen zoals 8 of 7, wat rekenkundig minder opbreekt dan een afzwaaier bovenin het bord.

Van 50 tot 40: de voorbereiding

Sta je tussen de 50 en 40 punten met drie pijlen op zak? Forceer dan niets. Het enige doel is een pijl neerleggen voor jouw favoriete dubbel.

  • 50: Gooi S18 voor D16, of S10 voor D20. Ga nooit voor de bullseye als je nog drie pijlen over hebt.
  • 48: Gooi S16 om op D16 uit te komen.
  • 46: Gooi S14 om op D16 te komen, of S6 voor D20.
  • 42: Gooi S10 voor D16, of S2 voor D20.
  • 40: Je staat op je eerste dubbel (D20). Mis je in de single 20, dan houd je 20 over voor D10.

Probeer bij getallen onder de 50 altijd een single te gooien die een even getal overlaat. Hiermee voorkom je dat je op een oneven getal uitkomt, want dat kost je een extra pijl om weer op een dubbel te geraken.

Oefen deze vaste combinaties tijdens je trainingssessies door de route hardop voor jezelf te herhalen voordat je de eerste pijl gooit, zodat de getallen een automatisme worden tijdens wedstrijden.

Verder op BartsDarts

  • De uitgooitabel — Alle uitgooien van 170 tot 2, met de bogeynummers erbij.
  • De dartsregels — Het bord, de afstand, de beurt, bust en dubbel uit.
  • Darten in de buurt — Waar je kunt gooien en welke bond bij jou de competitie draait.